woensdag 12 augustus 2015

’t Is van den hond




Hondenliefhebbers en dierenliefhebbers in het algemeen raad ik niet aan om verder te lezen.  Het gaat niet over hot-dogs… of ander niet te vreten voedsel...  alhoewel?

In Korea wordt hond gegeten en wordt er aanzien als een krachtig opwekkend voedsel dat nodig is als de krachten beginnen af te nemen. Vooral mannen hebben hier nogal eens last van, zo blijkt, volgens de Koreanen toch.
Er bestaan trouwens veel landen waar hond op het menu komt.

Hond wordt in Korea verwerkt tot een soep, hondensoep...! Deze hondensoep, want dat is een beetje de vertaling van het Koreaanse woord “ poo shin tang” wordt verkocht in speciale restaurants, die er dan ook hun enige specialiteit van maken.

Wij werkten nu al drie jaar in Korea en wij wilden ook wel eens een hondensoepje proeven. Het kan toch niet om ergens zo lang te wonen en nooit geproefd te hebben van de lokale specialiteit. Maar... in die speciale restaurants zouden we nooit binnen mogen. Vreemdelingen worden daar geweerd als de pest en met alle mogelijke argumenten vriendelijk aan de deur gezet. Daarbij, onze taalkennis was absoluut onvoldoende om de restauranthouders te overtuigen van onze onschuldige bedoelingen.

Dus wij hadden een gids nodig die perfect Koreaans kon spreken en die zaak kon regelen voor ons. Geen enkel probleem, we kenden reeds lang twee Belgische missionarissen, paters Salesianen. Eén daarvan, Luc was het meest geschikt, hij kwam veel op straat en kende Seoul, de hoofdstad van Korea als zijn binnenzak en vooral sprak vloeiend Koreaans. (Toch naar eigen zeggen...) Dus wij hebben hem gevraagd om ergens in zo’n restaurant een tafel te reserveren voor een achttal vrienden, bleekneuzen, hijzelf daarbij inbegrepen.

Het lukte! Volgende woensdag zou het hondensouper doorgaan.

Enkele dagen voordien nog even naar Luc gebeld om te vragen dat alles in orde zou komen ?
Ja, ja, maar ik heb tegen onze zusters, dat zijn de nonnekens die voor hem en zijn confrators kookten, gezegd dat ik woensdag niet zal komen eten omdat wij “poo shin tang” gaan eten in de stad. Nu stellen de nonnen voor om zelf hondensoep te maken, want zeggen ze die westerlingen zullen dat toch niet lusten en ’t kost zo veel geld en hun vrouwen mogen niet mee in ‘t restaurant en nog een hoop redenen om ervoor te zorgen dat zij die de soep zouden mogen maken. Waarschijnlijk in de hoop om zelf de resten te kunnen opeten.

Akkoord, dus hondensoep bij de paters en bij de nonnen! Het voordeel was nu dat onze vrouwen ook mee konden komen. In de typische restaurants werden vrouwen absoluut geweerd. Maar onze vrouwen hadden reeds lang andere regelingen getroffen en zij zouden  samen ergens pateekes of zo wat gaan eten en wat kletsen onder vrouwen.

De nonnekens wisten niet dat de vrouwen niet zouden meekomen en hadden voor hen frieten voorzien, ingeval ze de hond ( hoogstwaarschijnlijk) niet zouden lusten of willen eten.

Het gerecht zelf was niet denderend, niets om over naar huis te schrijven. ’t Probleem schijnt tussen de oren te zitten, maar we hebben er ons dapper doorheen gezwoegd.
Het werd uiteindelijk hondensoep met frieten… Luc heeft ook nog een pot mayonaise op tafel gezet. Kan het nog Belgischer ?

Maar als ik dit in België vertel kan ik meestal op niet veel bijval rekenen...

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen